logoplaatje

Palliatievezorg.nl Actueel

Nieuws - 2017
plaatje: Palliatieve sedatie bij 37% van niet-acute overlijdens

Palliatieve sedatie bij 37% van niet-acute overlijdens

Geplaatst: 24 juli 2017
plaatje: bulletHet aantal keer dat patiŽnten aan het eind van hun leven in diepe sedatie worden gehouden blijft stijgen, zo blijkt uit de derde evaluatie van de Euthanasiewet. In 18% van alle sterfgevallen was er in 2015 sprake van palliatieve sedatie. In 2005 was dat nog 8% en in 2010 12%.
In absolute aantallen gaat het om zoín 27.000 gevallen, terwijl het in 2010 nog om zoín 16.000 gevallen ging. Een reden of verklaring voor de stijging geven de onderzoekers niet. Aangezien palliatieve sedatie alleen toepasbaar is op patiŽnten die overlijden aan een niet-acute aandoening, geeft die 18% een foutief beeld. Beter zou zijn te kijken naar het aandeel van palliatieve sedatie in de sterfbedden van patiŽnten die niet plotseling sterven. Maakt men die rekensom, dan komt palliatieve sedatie bij 37% van de niet-acute overlijdens voor.

Behalve naar de aantallen, keken onderzoekers ook naar de middelen die voor de palliatieve sedatie werden gebruikt, hoe lang de sedatie duurde en of de ars rekening hield met bespoediging van het overlijden. Wat dat laatste betreft: in 60% van de gevallen ging de arts ervan uit dat de sedatie het levenseinde niet zou bespoedigen, maar in 38% hield hij er rekening mee dat het overlijden wel eerder zou komen door die sedatie. In de resterende 2% was die bespoediging het doel van de sedatie.

De duur van de sedatie tussen de start en het overlijden was nagenoeg hetzelfde als bij de vorige evaluatie, vijf jaar geleden. In 53% van de gevallen overleed de patiŽnt binnen 24 uur nadat de dokter de sedatie startte. In 45% van de gevallen duurde het 1 ŗ 7 dagen en slechts incidenteel duurde het langer dan een week.

Steeds vaker gebruiken artsen de middelen voor palliatieve sedatie die er Ė volgens de richtlijnen Ė voor bedoeld zijn: benzodiazepinen. Toediening van alleen morfine bij palliatieve sedatie (een Ďkunstfoutí volgens de richtlijnen) is sterk afgenomen in het afgelopen decennium. Alleen medisch specialisten doen dat nog, in 12% van de gevallen. Bij huisartsen en specialisten ouderengeneeskunde kwam dat bijna niet meer voor. Bijzonder is overigens ook dat alleen medisch specialisten een palliatieve sedatie nog vergezeld laten gaan door de kunstmatige toediening van vocht of voeding. Dat gebeurt bij medisch specialisten in 37% van de gevallen. Huisartsen en specialisten ouderengeneeskunde doen dat nooit.

terug naar overzicht