logoplaatje

Palliatievezorg.nl Bibliotheek

plaatje: Buigen als bamboe. Over leven na kanker

Buigen als bamboe. Over leven na kanker

plaatje: bulletOp 1 oktober 2005 verscheen het boek ‘Buigen als bamboe. Over leven na kanker’. Inmiddels is de 4e druk verschenen. Het boek is een bundel interviews met prominente Nederlanders waarin zij vertellen over de invloed van de diagnose kanker op hun leven. Voor Palliatievezorg.nl selecteerden auteurs Rob Bruntink en Anja Krabben een aantal fragmenten uit verschillende interviews met onder meer Annie Brouwer-Korf, Sylvia Kristel, Elco Brinkman, Frédérique Huydts, Hannie van Leeuwen, Karel Glastra van Loon en Ivan Wolffers. Deze zijn hieronder te lezen.
Fragment uit het interview met Annie Brouwer-Korf:

"Zestien jaar voordat ik kanker kreeg, in 1977, maakte ik de treinkaping door Molukkers bij De Punt mee. Ik stapte dat jaar op 23 mei in de trein en werd op 6 juni vrijgelaten. In 1993 ging ik op 23 mei het ziekenhuis in voor de borstoperatie en ik kwam er op 6 juni weer uit. Die data hielden me aanvankelijk bijzonder bezig. Ik vond het heel raar, maar ook erg vervelend. Als je, zoals ik, niet in het paranormale gelooft, vind je er geen betekenis in. Ik zal dus ook niet op 23 mei 2009 de hele dag onder tafel blijven zitten. Wel is 6 juni voor mij altijd een dag om bij stil te staan. Twee keer ben ik op die datum vanuit een dieptepunt weer omhoog gekomen.”


Fragment uit het interview met Ivan Wolffers:

“Er wordt vaak gesproken over vechten tegen kanker. Ik vind het een vreselijke metafoor. Het heeft een heroïsche cowboy-ondertoon, maar het is voor mij niet inspirerend. Het zal ook te maken hebben met mijn onvermogen om de dramaqueen te spelen. Het wordt wel eens letterlijk tegen me gezegd: kom op joh, vechten hè? Ik weet dat het goed bedoeld is, maar ik denk dan: wat snap je me slecht, waarom zeg je dat tegen me? Vechten is voor mij dat je door een heel dikke muur met een klein gaatje erin moet en dat je heel hard moet knokken om dat gaatje groter te krijgen en door die muur te kunnen. Terwijl je ook gewoon over die muur heen kunt klimmen. Het is zo blind, dat vechten. Het zou voor mij energieverspilling zijn. Buigen als bamboe, die metafoor spreekt me meer aan. Stugge bomen breken bij harde wind, bamboe buigt en komt gewoon weer overeind. Zo wil ik liever zijn.”

Fragment uit het interview met Elco Brinkman:

“Ik heb heel vervelende momenten meegemaakt. Momenten dat ik echt bang was. Of pijn had. Ik wist niet eens wat een mri-scan was. Ik dacht dat ik half zou ontploffen, de waandenkbeelden die je dan kunt hebben. Een scan is pijnloos, maar je kunt je er wel heel verdrietig en zielig bij voelen. Ik weet nog heel goed hoe ik buitengewoon bibberig in de scanner lag, klappertandend, niet omdat het pijn deed of omdat het eng was, maar van de zenuwen.”


Fragment uit het interview met Sylvia Kristel:

“Bij kanker denkt iedereen gelijk aan de dood, maar ik niet. Ik doe dat niet. Ik zit wat dood betreft in de totale ontkenningsfase. Ik negeer niet dat ik sterfelijk ben. Dat zou namelijk betekenen dat ik ook niet zou opletten bij het oversteken van de weg. Maar ik kijk echt wel uit. Ik realiseer me maar al te goed dat ik zomaar iedere dag overreden kan worden door lijn 22. Misschien ga ik me pas echt met de dood bezig houden als de dokters zeggen dat ik opgegeven ben. Maar zolang het medisch gezien allemaal onder controle is, waarom zou ik dat dan doen?”


Fragment uit het interview met Hannie van Leeuwen:

“U moet maar zien hoe u het opschrijft, maar ik wil toch wat over die darmen vertellen. Er is een klein percentage kankerpatiënten bij wie de hele buik wordt bestraald en die daardoor ernstige darmproblemen krijgen. Dat is bij mij gebeurd. Daarom zeg ik: de naweeën van kanker zijn veel belastender dan de kanker zelf, in mijn geval dan. Halverwege de bestralingen ging het al mis. Dat zei ik tegen de aanwezige verpleegkundige, deze reageerde heel rustig en trof de noodzakelijke voorzorgsmaatregelen. Ik vond het verschrikkelijk.”


Fragment uit het interview met Jacob Gelt Dekker:

“Mensen die kanker krijgen kunnen lijden, natuurlijk. Maar zij lijden vooral aan verwachtingen over het leven. Straks zijn de kinderen groot, straks kunnen we beiden stoppen met werken, en dan kopen we daar en daar een mooi huis, we gaan op vakantie naar dit en dat land... Allemaal verwachtingen die opeens niet meer gerealiseerd kunnen worden. Het kaartenhuis dondert in elkaar. Tja, daar word je wel verdrietig van. Het is niet de kanker die al dat ongeluk veroorzaakt, maar de dwaasheid van al die verwachtingen. Kanker heeft hen de ogen geopend door de spotlight op die verwachtingen te richten. Aanleiding en oorzaak moet je uit elkaar halen. Kanker kan nooit de oorzaak zijn van ongeluk, dat is waanzin. Als je zeurt dat je je dochter niet ziet opgroeien, zeur je niet over je ziekte, maar over je verwachtingen.”


Fragment uit het interview met Frédérique Huydts:

“Ik heb een enorm litteken. Geen probleem, daar ga ik ’s zomers gewoon mee op het strand liggen zonder het te camoufleren. Maar het liefste zou ik het aan mensen laten zien en er dan bij vertellen: ik was aan het duiken, er kwam een haai, een barracuda, en ik heb het overleefd. Wow, zeggen mensen dan, laat nog eens zien. Stoer verhaal. Maar als ik moet zeggen: ik had kanker, dat werkt niet. Het is gewoon niet stoer, kanker, omdat het je overkomt. Het is eerder eng, omdat je eraan dood kunt gaan.”


Fragment uit het interview met Henk Krol:

"De chemo is me zwaar tegengevallen. Na de eerste serie had ik geen bijwerkingen, ik had hooguit een wat andere smaak. Na de tweede serie verdween de smaak geheel. Zelfs de zuurste snoepjes proefde ik niet. Na de derde serie werd ik echt ziek, na de vierde dood- en doodziek, bij de vijfde dacht ik: nu stop ik en bij de zesde – werkelijk, ik was liever op mijn knieën vanuit Eindhoven naar Den Bosch heen en weer gekropen – was het echt aftellen, zo zwaar. De laatste maandag, de laatste dinsdag, de laatste woensdag… Zo kwam ik er doorheen. Ik heb er rare dingen aan overgehouden. Sinds de chemo ben ik minder allergisch voor van alles. Heb geen last meer van kattenharen of hooikoorts, heb nooit meer een koortslip gehad en duidelijk minder last van maagzuur."


Fragment uit het interview met Karel Glastra van Loon:

“Ik ben journalist en schrijver, taal is belangrijk voor mij. Over kanker wordt vaak in oorlogszuchtige taal gesproken: het is een vijand die vernietigd moet worden. Als overtuigd pacifist voel ik me toch al niet op mijn gemak bij oorlogsmetaforen, maar ook los daarvan zou dat nooit mijn taal zijn. Ik denk eerder dat je vriendschap met je tumor moet sluiten. Tot een soort vreedzame coëxistentie moet komen. De tumor zal, zolang ik leef, nooit weg te krijgen zijn. Hij zal altijd sporen nalaten of tot een recidief leiden. Ik zit er dus de rest van mijn leven aan vast. Ik moét er dus wel vrede mee sluiten. Tegelijkertijd moet de tumor ook een beetje rekening met mij houden. Als mijn leven eindigt, eindigt immers ook het leven van de tumor.”




Buigen als bamboe. Over leven na kanker is geschreven door Rob Bruntink en Anja Krabben. Het is verschenen bij Uitgeverij Plataan en kost € 14,95. ISBN 90 5807 261 4.